Hoge en lage bronnen

Genade

Klusdagen

Ergens in Nederland ben ik sinds een aantal maanden al heel wat dagen aan het klussen in het huis van één van de kinderen.
In die omgeving moet elke 2 uur € 2,- betaald worden aan parkeergeld, zodat er inmiddels een behoorlijk stapeltje parkeerkaartjes achter de voorruit ligt.
Enkele weken geleden was ik een half uur te laat en trof ik een parkeerboete van € 55,- onder de ruitenwisser aan.

Gisteren was het opnieuw raak. Een kwartier te laat en ja hoor, weer een boete.
Toevallig fietst de dienstdoende ambtenaar later door de straat. Ik vraag hem te stoppen en begin te zeggen dat hij helemaal in zijn recht staat. Ik ben gewoon te laat.
"Maar, misschien hebt u genade voor mensen die al zolang hard aan het werk zijn en niet altijd scherp op de tijd letten?", vraag ik beleefd. Nee, dat heeft hij niet. Tijd is tijd, en als je te laat bent voor de trein wacht ie ook niet.
"Ja, dat begrijp ik. Maar in deze stad staan heel veel kerken, en waarschijnlijk wordt de wet vaak voorgelezen. Maar ongetwijfeld zal de dominee ook wel eens iets zeggen over genade, dus over iets dat uitstijgt boven de wet. Zou u dat begrip ook op mijn boete kunnen toepassen?". De plichtsgetrouwe ambtenaar schudt zijn hoofd. Nee, met dat woord kan hij niets beginnen. Ik moet gewoon betalen.

Een poosje later wandelen een buurvrouw en haar vriendin voorbij, en zij vraagt mij door de openstaande voordeur of ik weet dat er een bon onder mijn ruitenwisser zit. Ja, dat weet ik. De auto staat bij haar voor de deur en zij heeft al lang gezien hoe trouw ik betaal voor mijn parkeerkaartjes. Zij vindt het erg onrechtvaardig.
"Maar de ambtenaar staat gewoon in zijn recht, dus dat neem ik hem niet kwalijk. Alleen toen ik hem vroeg of hij mij genade wilde bewijzen, kon hij met dat woord niets beginnen. Tsja, en dan houdt het op".
"Ik wou dat ik u kon helpen. Fijne dag verder." Hoofdschuddend lopen zij door.

Een uurtje later staat ze weer bij de voordeur, en wil me een bankbiljet van € 50,- overhandigen. "Wilt u dit van mij aannemen?", vraagt ze, en wel op een manier dat ik aanvoel dat ik het niet mag weigeren.
"Weet u, toen ik bij u wegging bleef dat woordje 'genade' bij mij hangen. Ik moest er iets mee." Dan begint ze te vertellen over haar leven, waarin ze veel genade heeft ondervonden. En het duurt niet lang of we merken van elkaar dat we wedergeboren christenen zijn, dus mensen voor wie 'genade' een heel bijzonder woord is.
Ik kan niet anders dan "dank je wel" zeggen.


Genade, elke dag

Een definitie van genade is (volgens van Dale):

  1. goedheid van God
  2. vergevensgezindheid van overwinnaars, rechters enz.

Opmerkelijk dat zelfs in een seculier woordenboek genade allereerst wordt toegeschreven aan God, en pas daarna aan een menselijke overheid.
Het heeft te maken met iets dat we krijgen, maar waar we geen recht op hebben, zoals het kwijtschelden van een schuld of het ontvangen van een gunst.

Beide kanten heb ik leren kennen, toen ik mij bekeerde:

  • mijn schuld is weg (1)
  • ik heb een vrije toegang tot God (2)

Dan kan ik alleen maar zeggen: "dank U wel!".
Maar daar blijft het niet bij!
In het leven van elke dag zal men moeten kunnen merken dat ik iemand ben aan wie zoveel genade is bewezen.

1) genade in mijn houding naar iemand die mij iets schuldig is

Is mijn schuld vergeven op grond van pure genade? Welke eisen heb ik dan te stellen aan iemand die tegenover mij iets verkeerds heeft gedaan? Voor mij kan dat iets verschrikkelijks zijn, maar blijft het onvergefelijk als ik dat vergelijk met mijn zondenschuld tegenover God?
Als God mij zóveel heeft vergeven, dan kan ik die ander ook vergeven (3).

2) genade bij het uitoefenen van mijn taak

Na het kwijtschelden van mijn schuld, wil God mij bovendien inzetten in Zijn dienst. Hij heeft een taak voor mij (4).
Elke gelovige krijgt zo'n taak om op te bouwen, zodat het de broeder of zuster ten goede komt. Ook ik heb zo'n taak.
Omdat ik zulke voortreffelijke eigenschappen heb?
Nee, omdat ik genade krijg om die taak uit te oefenen.


terug naar 'Hoge en lage bronnen' - overzicht