U hebt niet nodig dat iemand u leert

Vraag

Ik heb je na afloop verteld dat Jezus mij geleerd heeft om de Bijbel en dus hem, serieus te nemen. Sindsdien ben ik ook kritisch naar elk geluid, waar dogmatiek achter schuilgaat. Want ik heb gemerkt dat je weer een andere dogmatiek omarmt, voordat je er erg in hebt.
En dat is niet de bedoeling, zo leert ons de Bijbel. Wij hebben genoeg aan de Bijbel. Zo lees ik 1 Joh. 2 : 18 - 29, waar in vers 27 (1) staat dat de zalving die u van hem ontvangen hebt blijvend is, en u geen leraar nodig hebt. Want zijn zalving (de Geest) leert u alles naar waarheid, zonder bedrog.
Hieruit maak ik op, dat ik aan de Bijbel genoeg heb en verder niemand nodig heb.

Antwoord

Het komt inderdaad nogal eens voor dat men op grond van dit vers denkt, dat we geen leraren nodig hebben. Dat zou echter in strijd zijn met b.v. Ef. 4 (2), waarin duidelijk staat dat de Heer die gaven gegeven heeft tot opbouw van de gemeente.
Aangezien het Woord van God zichzelf nooit tegenspreekt, moet 1 Joh. 2 : 27 dus een andere betekenis hebben.

Johannes richt zich in dit hoofdstuk tot de 'vaders', de 'jongelingen' en de 'kleine kinderen' (letterlijk: baby's) in het geloof. Het zijn de drie groeifasen in ons geestelijk leven, waarbij het bij de 'kleine kinderen' gaat om personen die nog maar kort geleden tot bekering zijn gekomen.
Als hij zich in vers 18 -27 tot deze kleine kinderen richt, dan zegt hij er in vers 20 bij: 'u weet alles' (of: 'u weet het allen').
Het woord voor 'weten' duidt op de innerlijke capaciteit om te onderscheiden.
Zoals je uit het verband kunt opmaken worden gelovigen misleid (vers 26) (3), en omdat het tegen deze kleine kinderen gezegd wordt, lijkt het er op dat de misleiders zich vooral richten op pasbekeerden. Dan is het mooi dat zelfs de jongste gelovige weet dat niemand hem iets wijs hoeft te maken.
Vergelijk het met wat de Heer Jezus zegt over Zijn schapen (4). Intuïtief voelen we aan wat de stem is van de goede herder, of wat de stem is van een vreemde. Dat bewaart ons voor dwaalwegen.

Maar dat betekent niet dat we alle kennis en inzicht in huis hebben. Die moeten we ons eigen maken, en daarvoor heeft de Heer ons gaven gegeven (5).