Er bestaan veel misverstanden over de vraag hoe iemand een kind van God wordt, en vooral blijft! Enkele vragen komen steeds terug. We nemen ze kort door.
Is dat alles? Ja, zo simpel is het1.
Meer vraagt God niet van je.
Zodra jij voor God erkent dat je een verloren zondaar bent en Zijn Zoon nodig hebt als Verlosser,
dan gaat God iets in jou tot stand brengen. Hij geeft jou op dat moment nieuw leven.
Je wordt opnieuw geboren2.
Daarmee krijg je in één ogenblik de status van een kind van God.
Je bent dan uit God geboren. Je hebt Zijn leven.
In Johannes 3: 1 - 8 legt de Heer aan de grote schriftgeleerde Nicodemus uit hoe de
wedergeboorte werkt.
Een kind van God is dus uit God geboren. Dat betekent niet dat jij een deel van de Godheid wordt. Je blijft gewoon mens met een zondige natuur, die helaas nog steeds in staat is om te zondigen. Je krijgt er een nieuwe natuur bij, die zich uitstrekt naar God. Je gaat merken dat er een spanningsveld gaat ontstaan tussen die oude en die nieuwe natuur. Daar krijgt elk kind van God mee te maken. Dat is niet leuk, maar wel nuttig.
Een kind van God kan dat nieuwe leven nooit meer kwijtraken.
Gelovigen gaan niet verloren. Dat staat zwart op wit3.
Het is net als in een gewoon gezin. Een kind kan zich nog zo misdragen, maar het is en blijft een kind
van zijn ouders. Het zal die band waarschijnlijk niet meer zo voelen, maar daarom is het nog wel
een kind. En mocht de twijfel groot worden, dan kunnen de ouders vanuit het trouwboekje bewijzen
dat het hun kind is. Het staat er namelijk zwart op wit.
Natuurlijk zal het kind aanvoelen dat het echte contact pas weer hersteld wordt wanneer het
om vergeving vraagt.
Als je zondigt, dan verlies je het contact met je hemelse Vader.
Je kunt gewoon doorgaan met bidden, Bijbel lezen, kerkbezoek en allerlei aktiviteiten,
maar eigenlijk is er een leegte van binnen.
Dat gemis aan gemeenschap met je Vader, gaat je opbreken. Je wilt naar Hem terug, en tot je
verbazing zul je merken dat Hij al op je staat te wachten4.
Hij wil namelijk niets liever dan contact met jou. Daarvoor heeft Hij Zijn Zoon gegeven.
Het is typisch menselijk om zo'n conclusie te trekken, maar Paulus verwerpt
die vraag hartgrondig5. Er zijn inderdaad
'christenen', die oppervlakkig leven. Zij denken dat een zonde er niet toe doet, want
"ik ben toch bekeerd? Dan ga ik immers niet meer verloren?!".
Het is sterk te betwijfelen of zulke mensen echt bekeerd zijn. Natuurlijk kunnen we niet
in hun hart kijken en alleen God weet of er echt nieuw leven is, maar wij hebben te
maken met iemand die als zondaar leeft. Voor zo'n persoon is er maar één
boodschap: je bent op een zondige weg, en die eindigt in het verderf.
Een echt kind van God zal berouw krijgen en wil het liefst zo snel mogelijk weer terug
naar zijn Vader6