Is de Kerk het geestelijk Israël?

Vraag

U zegt dat de gemeente zo heel anders is dan Israël, maar wij zijn toch bij Israël ingelijfd? Wij zijn toch het geestelijk Israël?

Antwoord

Naar aanleiding van Romeinen 11: 17 - 21 wordt soms gedacht:
" De takken van de edele olijfboom zijn afgebroken, en de takken van de wilde olijfboom zijn geënt op de stam van de edele olijfboom.
De edele olijfboom is Israël, maar dat is verworpen nadat zij Christus verwierpen. De takken van de wilde olijfboom zijn de gelovigen uit de heidenen, die nu de plaats van Israël innemen. Alles wat voor Israël gold, geldt nu voor de Gemeente. "

Er zijn drie bomen die in de Bijbel als een symbool gebruikt worden om iets over Israël te zeggen:

  1. de wijnstok
    Dit wijst op de blijdschap die God in dit volk had moeten vinden1. Toch vind God pas Zijn echte vreugde in de Heer Jezus, want Hij is de ware wijnstok2.
  2. de vijgeboom
    Hierin onderscheidt Israël zich als volk te midden van andere volken3. Zou het zich altijd als volk van God gedragen?
  3. de olijfboom
    Van deze boom komt de olijfolie, dat in de Bijbel altijd wijst op het werk van Gods Geest als de bron van zegen. Die functie zou Israël horen te hebben.

Zo'n centrum van zegen is Israël een poosje geweest, maar dat volk heeft gefaald. Sommige natuurlijke takken worden afgebroken, maar de stam blijft staan. Ook enkele natuurlijke takken blijven staan, zoals Paulus zelf4. Hij hoort tot de gelovigen uit de Joden, die samen met gelovigen uit de heidenen (de wilde takken) de gemeente vormen, het nieuwe centrum van Gods zegen.

Maar ook dat zal niet altijd zo blijven.
Paulus gebruikt deze beeldspraak om aan te tonen dat de gemeente straks weer plaats zal moeten maken, omdat God de natuurlijke takken (Israël dus) weer terug gaat zetten5.
Romeinen 11 is niet een hoofdstuk om uit te leggen dat de gemeente het geestelijk Israël is, maar om aan te tonen dat Gods beloften aan het volk Israël letterlijk in vervulling zullen gaan.

Lees in Israël-gemeente meer details over de verschillen tussen Israël en de gemeente.

Meelezen

1
Richteren 9: 13
Maar de wijnstok zeide tot hen: zou ik mijn most prijsgeven, die God en mensen vrolijk maakt?
2
Johannes 15: 1
Ik ben de ware wijnstok.
3
Lukas 21: 29
Hij sprak een gelijkenis tot hen: Let op de vijgeboom en op al de bomen.
4
Romeinen 11: 1
Dan is nu mijn vraag: heeft God zijn volk soms verstoten? Beslist niet. Ik ben immers zelf een Israëliet, een nakomeling van Abraham, afkomstig uit de stam Benjamin.
5
Romeinen 11: 25, 26
Want ik wil niet, broeders, dat u deze verborgenheid onbekend zij (opdat gij niet wijs zijt, bij uzelven), dat de verharding voor een deel over Israël gekomen is, totdat de volheid der heidenen zal ingegaan zijn.
En zó zal heel Israël behouden worden.